Wouwervallei

Wie weet hoe de Wouwer heet?

Mijn stafkaart (verkend in 1963 en uitgegeven in 1967) heeft het over ‘Gilzewouwer’ en de plattegrond van de gemeente uit 2015 noemt de waterloop ‘Grote Wouwer Lei’, maakt er stroomopwaarts ‘Voortjese Lei’ van, en verandert deze naam verderop in Langereitse Lei. In Bavel wordt gesproken over de ‘Gilzewouwerbeek’. Kun je hier speculaas van maken? Ja, dat kan!

Op oude kaarten is de beek maar de helft zo lang. Men tekende in die tijd een beek alleen tot aan de kadastrale grens, dus waar sprake was van ontgonnen landerijen in bezit van deze of gene. Dat wil niet zeggen dat de beek niet langer was. Op het moment dat aanliggende boeren met grote gezinnen gebrek kregen aan bruikbare landbouwgrond, ging men woeste grond ontginnen en schoof de grens kadastraal op. Het wachten was dan weer op een bijgewerkte uitgave van de stafkaart. De stafkaart van 1967 geeft de beek aan tot de ‘Josephinehoeve’ aan de Alphensebaan (in de buurt van het ‘Zwartgoor’). Een beek is eigenlijk een natuurlijke waterloop, dus een waterloop (met eigen water) die haar eigen weg gezocht heeft (de laagste route uiteraard).

Een Lei of Leij is een niet natuurlijke beek of riviertje. Het is een door mensen gegraven waterloop. Uiteraard lieten ze die niet meanderen. Kaarsrecht was het handigst. Sloten hadden in die tijd immers alleen waterpeilbeheersing tot doel. Soms was er ook sprake van het kunnen afvoeren van bijvoorbeeld gestoken turf.

Ruilverkaveling

leij

Ik maak gebruik van wat heemkring ‘Molenheide’ daarover op www.tijdmachinegilzerijen.nl meldt. ‘Met de ontwikkelingen in de landbouw en de opvatting dat het steeds meer en groter moest, werd in de gemeente in de jaren vijftig al over een mogelijke ruilverkaveling gesproken. De percelen waren te klein, te veel versnipperd. De boeren wilden van de percelen die soms erg ver uit elkaar lagen, één groot perceel maken. Maar het bleek een klus van lange adem.

In 1971 kwam er een rapport uit voor ruilverkaveling in het gebied Gilze-Bavel-Rijens Broek en kwam er een concreet plan. Het merendeel van de grondeigenaren bleek voor de verkaveling. Bij de start van de ruilverkaveling in 1972 in het gebied Gilze-Bavel-Rijens Broek waren in totaal 1400 grondeigenaren betrokken; in 1984 waren dat er 1500. De hoeveelheid percelen die de grondeigenaren bezaten, bedroeg vóór de ruilverkaveling 7000, erna waren dat er nog 2800. De gemiddelde grootte van de percelen was gestegen naar 2,4 hectare.’ 

De Wouwerbeek, in de jaren 50 nog een vitale beek met een gezonde flora en fauna, leverde enorm aan kwaliteit in. Het landschap verloor haar karresporen en zandpaden. De Wouwerbeek verhuisde op alle percelen naar de eigendomsgrens. Het was ook voor de boeren een ingrijpende transitie, met soms pijnlijke beslissingen die nog jarenlang onderwerp van emotioneel gesprek waren.

Beekdalherstel

zwaan

Het beekdalherstelproject ‘Wouwervallei’, dat al 10 jaren door boeren en burgers in voorbereiding is, gaat binnenkort haar beslag krijgen. We gaan samen proberen de natuurwaarde met name op het gebied van biodiversiteit en waterconservering te verhogen. Een volledig meanderende beek wordt het niet, maar ze krijgt wel een veel natuurlijker verloop. We hopen dat omwonenden kansen zien om op deze ontwikkeling in te spelen. Het hele project is op zichzelf al een lokaal ‘product’. Met de handtekeningen van in ieder geval de gemeente Breda, de gemeente Gilze en Rijen, het Waterschap Brabantse delta, de NLGR en mogelijk ook Brabants Landschap en de Provincie kunnen we in 2020 een schop in de grond steken.

Foto’s en tekst: Will van Riel