Tweeduizend vierkante meter

vlinderidylle

Over bloemrijk grasland, akkerbloemen en biodiversiteit

Vlinderidylle
Er komt bloemrijk grasland op stroken in Park Wolfsweide in Rijen. Grote kans dat je dat al weet. Vorige week las je er al over in het Weekblad. De gemeente heeft betaald en het grof werk gedaan, de NLGR deed de rest.
Het gaat om middelhoge planten (50 tot 100 cm). Denk bijvoorbeeld aan teunisbloem of wilde peen, maar ook aan muskuskaasjeskruid en hazenpootje. In het mengsel dat gezaaid is, zitten op zijn minst 20 soorten.
Neem het relatief lage hazenpootje. Dat is een soort klaver. De grijze bloem doet je niet aan een bloem denken maar aan een zachtharig pootje van een haas of konijn. Bloeit het plantje, dan kun je er niet naast kijken. Of dat hazenpootje in het voorjaar van 2019 ook daadwerkelijk haar gezicht laat zien, hangt van het weer, maar vooral ook van de bodem af: droog is oké, zanderig prima, een beetje leem is geen bezwaar. Maar vooral mag de bodem niet te voedselrijk zijn. ‘Schraal’ heeft dus de voorkeur.
We verwachten voor 2019 bescheiden bloei. We rekenen er echter op dat de planten de daarop volgende jaren één groot bloemenboeket zullen vormen. En als we het voor het zeggen hebben, zien we graag dat de bloeiende planten elkaar opvolgen, zodat er een seizoen lang kleur te zien valt. Niet schrikken als er een keer gefaseerd gemaaid wordt. Het maaisel wordt direct afgevoerd.
Met een beetje geluk kunnen we nog jaren plezier hebben van deze stroken bloemrijk grasland. Of beter…  kunnen insecten veel plezier hebben van de nectarrijke bloemen.

Eénjarige akkerbloemen
Met die meer dan 20 graslandsoorten zijn we er nog niet. We hebben er zaadleverancier de Cruydt-Hoeck ook éénjarige akkerbloemen bij laten mengen. Ruim 10 soorten!
Bij ‘akkerbloemen’ denk je direct aan klaprozen en korenbloemen maar ook bolderik is een akkerbloem. En wat te denken van de silene-soorten zoals dagkoekoeksbloem (silene diocia). Omdat we weten dat de meerjarige graslandsoorten een langzame start zullen maken, moeten deze éénjarige akkerbloemen direct voor kleur gaan zorgen. Er zitten gekende pionierssoorten tussen.
Het beheer is erop gericht dat de planten meerdere jaren terug zullen blijven keren door zichzelf uit te zaaien. Dat beheer zal overigens dan niet meer inhouden dan het wat oppervlakkig ‘krabben’ van de bodem. Genoeg om gevallen zaadjes de winter door te helpen en in het voorjaar kiemkansen te geven.

Biodiversiteit (soortenrijkdom)
Bij de keuze van het zaaigoed is rekening gehouden met voorbij wandelende mensen. Het echte doel ligt echter bij bijen, vlinders en vogels. In 2010 heeft de gemeente beloofd zich sterk te maken voor het behoud van plant- en diersoorten. Nee, behouden was niet genoeg, er moest ook sprake zijn van verbetering. Als we dan nu de balans opmaken, constateren we dat bijvoorbeeld insectensoorten nog steeds uitsterven als gevolg van menselijk handelen. En als een soort al niet uitsterft, dan neemt haar aantal met 75% af. Dat is een regelrechte bedreiging voor onze voedselproductie en voor ons welzijn. De 2000 m² van Wolfsweide gaan het tij niet keren maar gaan er wel verbetering in aanbrengen.
En wat een geluk dat het aanvankelijke plan ‘inzaaien lente 2018’, niet is doorgegaan. In andere projecten, zoals langs akkerranden en op braakliggende percelen industrieterrein moest het opkomend zaad een ongelijke strijd aangaan met de oververhitte zon.
Inmiddels kunnen we echt niet meer om het woord ‘duurzaamheid’ heen. De boodschap van de NLGR luidt echter:
Een duurzaamheidsvisie zonder zorg voor biodiversiteit is fataal kortzichtig.

Foto’s: Cruydt-Hoeck, Drachtplanten.nl, Wikipedia, Will van Riel