Natuur-inclusief

Over natuur-inclusief ontwerpen en bouwen

Oeverzwaluwen

Terug in het land hebben de oeverzwaluwen ook dit jaar weer hun plek bij ‘Water aan de Warande’ ingenomen. Dat hun huisje te vinden is in een door mensen gemaakte wand, deert ze niet. En de gedachte dat het huisje, aan het eind van het vorige seizoen, door mensenhanden is schoongemaakt en volgestopt met al even schoon zand, komt niet bij ze op. Zelf druk ik het idee dat dit toch onnatuurlijke natuur is, direct de kop in. Ongerepte natuur bestaat niet meer.
Waar het nestlocaties voor met name vogels betreft, verlenen we al jaren bijstand. Denk maar aan ‘nestwielen’ voor ooievaars en nestkasten voor kerk- en steenuilen. Zelfs voor insecten bouwen we een onderkomen en noemen zo’n huisje een hotel.
Heel wat dieren zijn afhankelijk van een door mensen gegeven steuntje in de rug. .
Met een nestwand of nestkast ben je er overigens nog niet. Ook broed- en rustplaatsen zijn onderdelen van een biotoop. Wel een broedkast, maar niets te eten? Dan kun je je steenuilen wel vergeten!
De gemeente Gilze en Rijen kiest voor groen-inclusief bouwen (natuur-inclusief). Van belang is het om onderscheid te maken tussen natuur-inclusief ontwerpen en natuur-inclusief bouwen.

Oeverzwaluwen graven hun huis.

Natuur-inclusief ontwerpen =  duurzaam ontwerpen

Een regionaal dagblad meldde deze maand m.b.t. het centrumplan Gilze: ‘Vooronderzoek wijst op de mogelijke aanwezigheid van beschermde vleermuizen en huismussen. Daarom wordt tussen mei en september nader onderzoek gedaan. Voor vleermuizen zijn speciale kasten gehangen, waarmee ze kunnen verhuizen.’
Of je nu nieuw bouwt of oud verbouwt, je bouwt altijd in een al aanwezig ecosysteem. In de oude bebouwing van het centrum in Gilze behoren vleermuizen en huismussen zeker tot het ecosysteem. Gierzwaluwen zou je ook verwachten.
Als je, los van een verplichting, kiest voor het handhaven van waardevolle, bestaande natuur, dan ga je natuur-inclusief ontwerpen. Je past dan je ontwerp aan op een volwassen boom die er staat, bijvoorbeeld een mooie, rode esdoorn. Nestplaatsen behouden in gebouwen die je gaat slopen, ligt niet voor de hand. Je kunt bijvoorbeeld vogels wel helpen verhuizen, mitigeren heet dat. Je lokt ze naar betere, nieuwe nestlocaties. Dat is niet eenvoudig. De NLGR en de uilenwerkgroep proberen bijvoorbeeld het biotoop van kerk- en steenuil in Gilze zuid-west te verplaatsen naar de Gilzewouwerbeek, een proces van jaren. Een mooi voorbeeld van een succesvolle verhuizing is die oeverzwaluwenwand van ‘Water aan de Warande’. De oeverzwaluwen hadden indertijd bezit genomen van de grote berg uitgegraven wit zand. Als oeverzwaluwen dat doen, beginnen ze direct met het graven van hun nestpijpen. Ze mochten blijven zitten totdat de gemetselde wand klaar was. Ze kozen een jaar later direct voor deze toplocatie en zitten daar nog steeds ….volledig dankzij mensenhanden. Met vleermuizen gaat dit niet zo eenvoudig.
Bouw je buiten het broedseizoen en bouw je dan bovendien gastvrij voor de natuur die al tot het lokale ecosysteem behoorde, denk aan vleermuizen en huismussen, dan bouw je natuur-inclusief. En dat is dus wat de gemeente gaat doen….toch…!   

Natuur-inclusief bouwen = duurzaam bouwen!

stootvoeg

Je zegt dan: we willen ook in ons nieuwe centrum huismussen en vleermuizen. We hangen vleermuizenkasten op of metselen vleermuisstenen in. Een kleine vleermuis heeft genoeg aan een stootvoeg. Als er in het gebied al vleermuizen zitten, dan  heb je een goede kans op succes.
Huismussen niet vergeten! Aannemers brengen nu vaak vogelschroot onder de dakpannen aan om ervoor te  zorgen dat er geen mussen kunnen nestelen. Dat schroot kun je ook wat hoger plaatsen zodat onder de onderste twee rijen dakpannen wel huismussen, spreeuwen of gierzwaluwen kunnen gaan wonen. Dan bouw je natuur-inclusief.

Foto’s Theo Jansen