Levend water

Over blauwalg, stekelbaarsjes, kikkervisjes, bootsmannetjes en grote egelskop

Blauwalgen

Het bootsmannetje hing zojuist nog ondersteboven onder het wateroppervlak. Daar dankt hij zijn naam ‘rugzwemmer’ aan. Nu, buiten het observatiebakje, klapt hij zijn dekschilden open, vouwt zijn vliesdunne vleugels tevoorschijn en vliegt zonder aarzelen weg. Rugzwemmers horen bij de waterwantsen. In het water vallen hun grote achterpoten op die ze als roeispanen gebruiken. Soms duikt het bootsmannetje een stukje onder water.

We zijn op een warme augustusmiddag met vier NLGR-leden waarnemingen aan het doen bij plassen, poelen en sloten in noordelijk Rijen. Onze eerste stop hadden we gemaakt bij de retentievijver aan het Mathilde Wibautplein. Blauwalg. Blauwalgen zijn geen algen maar bacteriën. Geen goede plek dus om met een schepnetje het water in te gaan, maar wel mooi om foto’s te maken. Zeker als de donkere, blauwgroene ‘algen’ op gewone lichtgroene algen botsen.

Wolfsweide

Dit park is voor veel mensen uit de naburige wijk de groene uitlaatklep. Hier kunnen ze sporten, recreëren en van de natuur genieten. Maar genieten…? Op deze warme augustusdag is het hier stil. Er liggen twee grote vijvers in het park. Een ervan is net als bij het Wibautplein een retentieplas maar doet tevens dienst als overstort voor rioolwater. Stilstaand en tamelijk smerig water. In dat water zou beweging moeten zitten. Gewoon een drijvende installatie die bestaat uit een zonnepaneel en een pomp. Dat vermindert de kans op blauwalg die ook hier op deze warme dag volop aanwezig is. Het park rest nu niets anders dan wachten op een paar dagen met stortbuien. Dan spoelt alles even lekker door. De tweede vijver in park Wolfsweide is een visvijver en daarom voor ons nu niet zo interessant. Waar veel vis zit, zit weinig ander waterleven. We besluiten ons geluk te gaan beproeven bij de poelen en sloten rond de waterzuivering en fietsen naar de Schorsstraat.

Die waterzuivering doet prima werk. Het is verbazend hoe zuiver het water er aan de achterkant uit komt. We gaan letten op flora maar vooral ook op fauna. De aanwezigheid van een bepaald soort waterleven geeft heel goed aan hoe zuiver het water is. We trekken onze laarzen aan en halen schepnetjes, observatiebakjes, tabellen en naslagwerken voor de dag. Ook een peillood om de helderheid van het water te bepalen, ontbreekt niet.

Vrijlevende kokerjuffer of nimf van een haft  Rugzwemmer, gewoon bootsmannetje

De poelen bij de waterzuivering staan droog. Dat verrast ons niet. In de achterliggende sloot staat niet veel water maar genoeg om onderzoek te doen. Waterviolier! Waar? Bijna duikelen drie heren de diepe sloot in. Maar het klopt, er bloeit nog waterviolier. Het talud is bijzonder stijl. Waterviolier wijst op voedselarm water. We vullen eerst een observatiebakje met slootwater. Dan halen we de schepnetten een paar keer stevig over de bodem van de sloot. Een berg drab, veel dode bladeren en wat kriebelspul vormt de vangst.

In het bakje met helder slootwater blijkt dat we twee grote kikkervisjes met nog heel kleine achterpootjes boven water gehaald hebben. Verder nog een paar bootsmannetjes, een tiental kleine visjes en twee waterdiertjes die we niet direct thuis kunnen brengen. Dat kikkervisjes pas nu aan de metamorfose beginnen, is niet zo gek. Soms doen ze daar driekwart jaar over, inclusief de winter. De visjes, we denken driedoornige stekelbaarsjes in wording, zien er prachtig uit. Ze lichten zilverkleurig op in het zonlicht.

Resten nog de twee larven of nimfen. Onze determinatiekaart is niet duidelijk. Ik houd het op een nimf van een haft. Jan is ervan overtuigd dat het een vrijlevende kokerjuffer is. Waterkwaliteit: 5. Met een ‘nimf van een haft’ of een ‘kokerjuffer’ maak ik er 6 van (op de schaal van 10): kan beter maar is niet slecht.

Net voordat we weer over het hek klimmen, schreeuwt Willem de waterviolier uit de boeken. Hij heeft de grote egelskop gevonden, bloeiend en wel! Hij glundert van oor tot oor.

Grote egelskop

Foto’s en tekst: Will van Riel