Column Will van Riel

€ 600.000

Geplaatst op: dinsdag 25 juli 2017


Over een kwaliteitsimpuls van het landelijk gebied

Een gedurfde uitspraak

Het was op een avond voor duurzame boeren en andere, in groene energie geïnteresseerden enkele maanden geleden. Echt druk was het bij de Vossenberg aan de Tilburgsebaan niet. De geïnteresseerden gingen in de pauze, bijgelicht door een bouwlamp, naar de wilgenplantage aan de overkant van de Tilburgsebaan. Het wilgenhout wordt straks geoogst om tot pallets verwerkt te worden. Daarmee gaat een aantal, vooral jonge boeren hun kalverstal verwarmen.
Eén spreker trok mijn bijzondere aandacht, zelfs in die mate dat een uitspraak van hem maandenlang in mijn hoofd bleef hangen. Hij weerde de aangeboden microfoon af. Hij kon het publiek ook zonder versterker wel bereiken. ’Mijn boerenland was ook het land van mijn voorouders. Mijn overgrootvader, mijn grootvader, mijn vader, allemaal hebben ze mijn grond beter gemaakt. Ik ben de eerste die hem slechter gemaakt heeft.’
Boeren en burgers maken zich zorgen over dat boerenland. Toch kunnen ze elkaar maar moeilijk vinden. Waar de burgers zich oprecht zorgen maken over de teloorgang van bloemen, planten, vogels en insecten, vechten veehouders en akkerbouwers voor hun bestaan.’ (Jantien de Boer in ‘Landschapspijn’). Pijn en boosheid gaan de laatste weken samen in de discussie rond het provinciaal landbouwbeleid. Konden we onze krachten maar bundelen. Konden we het er maar over eens worden dat doorgaande schaalvergroting niet de oplossing is voor onze voedselproductie. (Onze ‘aardappel’ mag uiteindelijk niet in handen vallen van Mexicaanse geldwolven.) Konden we met de boerenbedrijven maar uit de wurgende spagaat komen van Europese subsidies enerzijds en beschamende ‘winkelprijzen’ voor landbouwproducten anderzijds. Konden we maar samen werken aan gezonde voedselproductie en verantwoord landschapsbeheer. 

Erven Plus Project

Het geld voor dit provinciaal project, waaraan onze gemeente deelneemt, was binnen no-time op. Het geld om erfscans te laten maken wel te verstaan. Het gaat in dit project om leefgebiedsverbetering van erfbewoners. Denk aan steenuil, kerkuil, huiszwaluw, huismus, ringmus, spotvogel, gekraagde roodstaart, vleermuizen enz.. Dat is goed nieuws. Veel kandidaten, veel plannen…. veel concrete verbeteringen, hopen we. Het landschap in onze gemeente staat immers onder druk. Breda en Tilburg rukken op naar onze gemeentegrens. Ook onze vier kerkdorpen zitten tegen hun plafond aan als we ons landelijk gebied intact willen houden: Rijens Broek en het landschap ten westen van Gilze en Molenschot, grenzend aan Chaamse bos en Bavel/Breda. Ik vermoed dat er nogal wat ‘burgers’ onder de scanaanvragers zitten. Ook dat is een factor waar we rekening mee moeten houden: de dreigende leegstand van agrarische bebouwing in het buitengebied versus ‘partijen’ die daar wel brood in zien. Ons buitengebied mag niet dichtslibben.

Bouwplan Gilze Zuid-West

Ten zuiden van het Laarspad in Gilze zijn twee partijen actief. Vexpro wil huizen bouwen aan de oostzijde van dat open landbouwgebied, de provincie aan de westzijde ervan. Voor deze laatste partij gaat het om een ruimte-voor-ruimte-project  wat inhoudt dat het tamelijk grote percelen betreft.
Men is ervan op de hoogte dat dit gebied uilenbiotoop is. De ontwikkelaars weten dat ze mitigerende maatregelen moeten treffen. Simpel gezegd: ze moeten de uilen verleiden verderop te gaan wonen (en te gaan jagen). De provincie stelt € 600.000 beschikbaar voor een kwaliteitsimpuls van het landelijk gebied. Dit geld moet eerst en vooral naar het versterken van het landschap. De Gilzer Wouwerbeek is daarvoor  een mooie kapstok. 

Foto’s en tekst Will van Riel

Keer terug